Winkelwagen



Alleen werken komt voor in veel verschillende beroepen en sectoren, van thuiszorg en technisch onderhoud tot winkels, magazijnen en buitendienstwerk. Wat deze werkzaamheden gemeen hebben, is dat iemand die alleen werkt kwetsbaarder kan zijn als er een ongeval, een acuut gezondheidsprobleem of een bedreigende situatie ontstaat terwijl er niemand in de buurt is.
De werkgever is daarom verantwoordelijk voor het beoordelen van de risico's van alleen werken en moet ervoor zorgen dat het werk veilig kan worden uitgevoerd. Een actieplan voor alleen werken helpt om de risico-inventarisatie te vertalen naar concrete procedures en maatregelen. Tegelijkertijd legt het vast hoe de organisatie preventief werkt aan een veilige werkomgeving.
In Zweden zijn de regels voor alleen werken opgenomen in hoofdstuk 6 van de voorschriften AFS 2023:2 van de Zweedse arbeidsomstandighedenautoriteit Arbetsmiljöverket. Deze voorschriften hebben de eerdere AFS 1982:3 vervangen. De regels hebben betrekking op werkzaamheden waarbij iemand fysiek of sociaal geïsoleerd werkt en geen mogelijkheid heeft om direct contact met andere mensen te hebben.
Als het werk daarnaast een risico op geweld of bedreiging met zich meebrengt, moet de werkgever hier extra rekening mee houden. Volgens AFS 1993:2 mogen werkzaamheden waarbij een aanzienlijk risico op geweld of bedreiging bestaat niet alleen worden uitgevoerd.
De werkgever is verantwoordelijk voor het identificeren van de risico's voordat het werk wordt uitgevoerd en voor het nemen van de noodzakelijke maatregelen. Het is dus niet voldoende om pas te reageren nadat er al een incident heeft plaatsgevonden.
De eerste stap bij het opstellen van een actieplan is vaststellen welke werkzaamheden daadwerkelijk alleen worden uitgevoerd. Vervolgens moeten de risico's worden beoordeeld, samen met bijvoorbeeld vertegenwoordigers op het gebied van veiligheid en arbeidsomstandigheden en de medewerkers die deze werkzaamheden uitvoeren.
De risicobeoordeling moet uitgaan van de daadwerkelijke werkomstandigheden. Denk bijvoorbeeld aan valongevallen of acute gezondheidsproblemen waarbij niemand in de buurt is om hulp te bieden. Bij klantcontact, huisbezoeken of werkzaamheden in risicovolle omgevingen kan ook het risico op geweld en bedreiging een rol spelen. Langdurig alleen werken kan daarnaast psychisch belastend zijn en moet daarom eveneens in de beoordeling worden meegenomen.
De risicobeoordeling moet schriftelijk worden vastgelegd en dienen als basis voor de maatregelen die de organisatie besluit te nemen.
Zodra de risico's in kaart zijn gebracht, is de volgende stap om te bepalen hoe deze kunnen worden voorkomen of beperkt. Vaak gaat het om een combinatie van organisatorische procedures en technische oplossingen.
Zo kan bijvoorbeeld worden afgesproken dat medewerkers die alleen werken zich op vaste tijdstippen melden. Het werk kan ook zo worden georganiseerd dat langere perioden zonder contact met anderen regelmatig worden onderbroken. Daarnaast moeten medewerkers over de juiste kennis en training beschikken om situaties te kunnen aanpakken die kunnen ontstaan wanneer er geen collega in de directe omgeving is.
Als het werk een aanzienlijk risico op lichamelijk letsel met zich meebrengt, moet de werkgever er bovendien voor zorgen dat er snel hulp kan worden ingeschakeld. Dit kan bijvoorbeeld met een draagbaar apparaat dat automatisch een alarm verstuurt als er tijdens het alleen werken iets gebeurt, bijvoorbeeld wanneer iemand valt of plotseling niet meer beweegt. Hierdoor kan de tijd tussen een incident en het moment waarop anderen merken dat er hulp nodig is, worden verkort.
Een duidelijk actieplan moet beschrijven op welke werkzaamheden het betrekking heeft, welke risico's zijn vastgesteld en welke maatregelen moeten worden uitgevoerd. Ook moet duidelijk zijn wie verantwoordelijk is voor iedere maatregel en welke procedures gelden wanneer een medewerker alarm moet slaan of hulp nodig heeft.
Tegelijkertijd moet het actieplan worden gezien als een document dat met de organisatie meegroeit. Werkomstandigheden, personeel en werkzaamheden kunnen veranderen, waardoor ook de risico's in de loop van de tijd kunnen veranderen.
Het plan moet daarom regelmatig worden geëvalueerd en opnieuw worden bekeken wanneer de organisatie of de werkomstandigheden veranderen. Hetzelfde geldt na ongevallen of bijna-ongevallen. Door te beoordelen wat er is gebeurd en of de bestaande procedures naar behoren hebben gewerkt, kan het actieplan worden aangepast en kunnen veiligere omstandigheden voor toekomstig alleenwerk worden gecreëerd.

Bezoek onze contactpagina